Steun amendement Wet open overheid

Achtergrond: Westfrisia, deel potloodtekening​ 

Op 12 januari 2021 behandelt de Tweede Kamer de novelle (de Wijzigingswet) bij de Wet open overheid (Woo). De Woo is al tien jaar onderweg, en ligt vanaf 2016 bij de Eerste Kamer. Reden: volgens een onderzoek in opdracht van minister Plasterk zou het openbaarheidsregister, dat alle overheden zouden moeten hebben en waarin bepaalde bij de overheid aanwezige stukken staan, heel erg veel geld gaan kosten. Dat klopte niet, omdat de onderzoekers ervan uitgingen dat ook alle e-mailwisselingen in het register zouden moeten komen. Maar het heeft wel geleid tot forse vertraging en het schrappen van dit verplichte register uit de Woo door middel van de novelle.

Informatie-asymmetrie

Gevolg: de Wob-verzoeker (burger, journalist, jurist) blijft op grote achterstand staan in verzoeken om informatie. Hij heeft immers geen idee welke documenten (brieven, mails, appjes) en andere informatie er bij de overheid aanwezig zijn! Tot op heden moet de overheid volgens de rechter alleen aantonen een deugdelijke ‘zoekslag’ naar documenten over het onderwerp van het verzoek te hebben gedaan als de verzoeker al aannemelijk heeft gemaakt dat er meer is en dat er dus niet goed is gezocht. Doorgaans is dat onmogelijk.

Het beste zou zijn dat het register er alsnog komt – al dan niet inclusief alle e-mails, app-berichten en andere documenten. Dat is niet haalbaar. Vandaar dat ik Tweede Kamerleden oproep om dit amendement in te dienen.

Eisen aan de zoekslag

Met dit amendement wijzigt de novelle en daarmee de Woo. De bewijslast verschuift naar de overheid (het bestuursorgaan). Niet langer de verzoeker moet bewijzen dat de overheid niet goed heeft gezocht. Nee, de overheid moet bewijzen op een professionele manier te hebben gezocht naar alle stukken die over het onderwerp van het verzoek gaan. Doet die dat niet, dan zal de bestuursrechter hem veroordelen dat alsnog te doen, desnoods op straffe van een dwangsom.

Steun dit amendement!

Hier vindt u de lijst van betrokken Tweede Kamerleden. U kunt hen een bericht sturen, of via sociale media (Twitter!) wijzen op deze tekst.

Dank voor het meedoen.